All 33 entries tagged En Face En Profil

No other Warwick Blogs use the tag En Face En Profil on entries | View entries tagged En Face En Profil at Technorati | There are no images tagged En Face En Profil on this blog

November 05, 2007

On Laundry and Growing Up

Who eats my socks?Monday around lunchtime. Apparently bloggin time again.

At the beginning of yet another week of university work, reading week this time; amidst the issues of serious concern that I study; despite the increasing air of self-responsability that befits the approaching bachelor’s degree (tongue in cheek, just so you know), I cannot help but ponder on the simple and little things in life, yet of no little importance either.

Like this morning. As usual, doing laundry is a process that somehow manages to dominate all of my morning, inevitably. But lately there’s evidence of difference. When I come home and unpack my clothes and put them away, I bundle my socks into pairs. How many have gone missing over the past six years after this regular routine? How many days of studentness have I walked around in dissimilar pairs? Things however seem to be changing. Lately, the machine always neatly returns the same number of socks that I put in.

And so, in yet another insignificant little way, I realise I’m growing up, bit by bit. And ready to take away a BA.


October 10, 2007

Back On Track

IT HAS REALLY been a while since I posted my last entry on the Scribbles blog. It was some weeks ago, when I was still celebrating holidays at home in the Netherlands, in many ways and somewhat paradoxically unsure of what to expect of Warwick campus when I would come back. I wanted to get over and done with it, do well in my modules and generally try to take it easy.

Into the second week of term, these objectives are still with me. With just the difference of the life factor intervening, the “gracia ex machina” as I once wrote it up in a poem. There’s objectives and there’s Warwick life anno autumn 2007. Not that they’re incompatible but I guess you can’t plan everything.

So now there’s my campus flat and new flatmates which I’m really happy with. There’s meals we cook and eat together every day. There’s the 120 pages of reading for just one module which I should read within a week. There’s dissertation obligations of reading and independent thinking and planning your own day. There’s climbing and others sports that I recently picked up. There’s my so far positively successful attempt at staying relaxed.

And there’s another 28,5 weeks of term time to tie a few knots together. Nothing new really.


August 24, 2007

Een doordeweekse dag

Een doorweekse dag, en terwijl ik mijn tanden poets kijk ik goedkeurend naar mijn verwarde haren in het spiegelbeeld. Er wachten een paar klusjes die moeten gebeuren. De IB Groep is er in geslaagd het eerste contact dat ik met hen heb proberen te leggen meteen te verpesten. Zeven weken lang was ik in der veronderstelling dat mijn eerste stufi-aanvraag ooit door de een of andere meneer Jansen in Groningen gewikt en gewogen werd. Bij navraag twee dagen eerder bleek niets echter minder waar: hij was gewoon kwijtgeraakt en daar mag ik nu voor opdraaien. “Stuurt u maar gewoon een nieuwe aanvraag op meneer.” Pardon, was het soms mijn fout dat het formulier is kwijtgeraakt? Een klachtenbriefje dus.

Ik ga even later de deur uit om de brief te posten en een paar lege batterijen te deponeren. Er staat een lekker windje in de oude zuidbuurt van Eemnes, en het zonnetje breekt warempel door. Lekker om even buiten te zijn. Al is er in Eemnes weinig aanleiding toe om buiten de deur te komen. Behalve om naar de bushalte te lopen natuurlijk.

De brievenbus staat naast de visboer. De visboer vertrouwt een omaatje zijn vakantie toe. “Je was dus naar Barcelona?” vraagt ze. “Nou, u kent Montserrat wel? Die kant uit en dan nog 100 kilometer verder. Heerlijk rustig daar.” De oude dame knikt gretig. De geraniums praten lang niet zoveel terug.

Ik fiets via de Zaadkorrel terug. Een rustig Eemnesser jaren zeventigstraatje waar nooit iets gebeurt. Tenminste, ik heb er nog nooit iemand over gehoord. De planten staan er beladen en groen bij. Van de vroege herfst hebben ze hier nog niet gehoord. In het plantsoen spelen kinderen bij het Tweede Wereldoorlog-monument met spelende kinderen. Er verandert ook eigenlijk weinig, denk ik op zijn Carmiggelts. Natuurlijk weet ik niet dat ze het hebben over het feestje waar ze gisteren dronken waren van de Breezertjes en over de lestafeltjes waarop ze schrijven dat de leraar een klootzak is. Was het maar de jaren vijftig. Toen veranderde er nooit iets.


August 18, 2007

Back From Away

The Master Does Nothing
(marker on stone wall, August 2007 in Old Tel Aviv)

From tomorrow blog sessions will be resumed as usual.


August 04, 2007

Away

Tel Aviv
Holiday announcement
For the coming two weeks this blog’s scribbler will be away on holidays. Not that it really mattered, entries have been few and short lately. But I was sort of hoping you would notice.

See you back here in two weeks. Unless I might feel like blogging from Tel Aviv’s beaches.


July 17, 2007

Volwassen

Bedacht me gisteren dat ik nu al ruim vijf jaar volwassen ben. Nu ja, als je me dat zes of zeven jaar geleden vroeg dacht ik daar vast anders over. Maar ik bedoel, je weet wel, volwassen volgens de wet, dat je mag stemmen, autorijden, sterke drank kopen en in de koffieshop zitten zonder dat de eigenaar zenuwachtig wordt. Dat mag ik nu al ruim vijf jaar.

Het zette me aan het denken over wat deze verworvenheid nou precies voor me betekende. Om te beginnen is het aan me te zien. Ik ben er de afgelopen paar jaar merkbaar ouder uit gaan zien; dat komt op zich goed uit want ik zag er altijd drie jaar jonger uit dan ik was. Nu zie ik er dus echt uit als een driejetwintugjarigu. Heb wel een stuk meer grijze haren dan toen ik begon aan het avontuur der volwassenheid. En een baard. Die had ik toen ook nog niet.

En natuurlijk bleef de verandering niet beperkt tot alleen mijn tastbare ik, dacht ik verder. Ik ben wel veranderd, maar hoe dan? Hoe heeft het volwassen zijn daarin een rol gespeeld? Ik bedacht me dat ik rustiger geworden ben als persoon, minder hard praat en zinnen aaneenrijg met lange pauzes tussen woorden, om goed na te denken wat ik zeggen wil. (Grapje. Eigenlijk omdat ik ongeconcentreerd ben.) Ik ben serieuzer dan ik eerder was. Drie jaren universiteit hebben mij een stukje van de complexiteit van de wereld getoond en ik moet erkennen dat dit bewustzijn op mij weegt, ik hem vaak aanwezig voel en in mijn doen en laten met mij meedraag. Ik ben gevoeliger voor details, culturele en persoonlijke verschillen, en, op een andere manier dan vroeger, de meningen van anderen. Ik kan stil zitten terwijl de rest in gesprek is, mijn geest laten afdrijven naar een probleem of vraagstuk, werelds of persoonlijk. Zo breng ik vele denkuren door.

Toch heb ik ook zeker wat meegenomen. Mijn respect voor kunst, boeken, muziek, schilderijen, heb ik met me de volwassenheid ingedragen. Misschien op een andere manier, meer doordacht, minder spontaan, maar met artistieke mensen en een kunstenaarachtige sfeer om me heen voel ik me nog steeds goed. Nog steeds ook doe ik zelf pogingen om me te uiten. Nog steeds ambieer ik deel van de makende, vernieuwende wereld te zijn. Op een manier die bij mijn volwassen omstandigheden hoort, maar toch zeker niet vrij van utopisch idealisme en een gedroomde persoon die ik wil zijn.

Politieke meningen had ik vroeger al, expressiever en radicaler dan leeftijdsgenoten op de middelbare school. Maar nu ik mag stemmen ga ik daar gematigder mee om. Voor een vijfjarige periode ben ik uitzonderlijk vaak gedwongen geweest na te denken over wat mijn ideaal is, wie ik in de politiek vertrouw, wat de balans is tussen praktijk en droom. Van een politieke partij ben ik voorlopig nog maar niet lid geworden.

En er blijft iets onmogelijks bestaan. Ik en deze wereld. Ik en mezelf. Dit zijn conflicten waarin ik mezelf meer dan vroeger verlies. Ik neem het voorlopig van jaar tot jaar, maand tot maand, in sommige gevallen zelfs van dag tot dag om het aan te kunnen. Weet na vijf jaar dus nog steeds niet wat ik wil, wat ik willen moet, en wat ik moet als ik iets wil.

Om tot de slotsom van deze zelfreflectie te komen. Volwassenheid is kind zijn terwijl je jezelf er langzaamaan bewust van wordt dat de coulisestukken zich steeds verder van je verwijderen en je achterblijft met je eigen, naakte leven.


July 16, 2007

Troostmuziek

Een week of twee geleden prees Martin Bril in de Volkskrant het vochtige bos van de zomer als een plek waar het goed toeven is. Een aankondiging van herfst die komen gaat, een mooi groen plekje in de schaduw. Maar: bossen die altijd nat zijn, zo raadde hij ons aan, kunnen we maar beter mijden als de pest. Die deugen niet.

Het bos waar ik deze dagen elke morgen doorheen rijd is altijd nat. Toch kom ik er twee maal daags naar terug. Het is trouwens nogal moeilijk natte plekjes te vermijden deze dagen. De enige billijke voorspelling van het weer zou zijn: “Houdt U rekening met alles.”

Ik voel me op de fiets heen naar of terug van het werk vaak net een automobilist (zonder file dan, natuurlijk). Ik rijd gestaag door, zet mijn muziek op, en zing mee, net als een automobilist. Binnen een half uur ben ik waar ik zijn moet. Waarschijnlijk sneller nog dan een automobilist, gezien de tijdstippen van mijn reis. De muziek die ik kies voor bij het reizen is een heel ritueel, zogezegd een ‘gevoelig puntje’. Het is eigenlijk net zoiets als de juiste keuze aan cd’s in je auto hebben liggen. Zondagavond voor het begin van de week ga ik zitten en kies ik voor de week wat ik luisteren wil. Veel muziek verveelt me al als ik naar de digitale Windows-koffertjestitel kijk. Ik besloot deze keer maar eens een paar mapjes ‘onbekend album’ op mijn mp3-speler te zetten om mezelf te verrassen.

Aangenaam verrast was ik, toen ik het liedje hoorde dat ik niet kende. “Just breathe”, zong ze. Wat een krachtige en zelfverzekerde stem. Wat een creatieve melodie. Wat een vaardige rock. ‘Anna Nalick’ stond er op mijn schermpje. Ik dacht aan een vrouw type Melissa Etheridge, of Sheryl Crow of zoiets.

Bij nader onderzoek bleek het om een meisje van mijn leeftijd te gaan. Ze had gitaar leren spelen op de middelbare school en schreef haar eerste liedje toen ze in de vijfde zat. Bij het herbeluisteren van haar muziek klonken haar teksten ineens opvallend wijs. Ze heeft kennelijk in haar prille leven (laten we eerlijk zijn, met drie-en-twintig zijn we nog pril) alcoholistische vrienden, vriendinnen die steeds foute mannen vinden en liefdes die haar na een jaar nog in huilen doen uitbarsten doorstaan. En haar muziek heeft iets empathisch. Het is van een stijl die ik voor de gelegenheid maar even ‘troostmuziek’ noem. De zanger dan wel zangeres heeft iets meegemaakt dat vele anderen herkennen, zingt erover op een zalvende manier die het leed van lotgenoten verzacht en als je eigenlijk geen lotgenoot bent (en tot deze categorie behoor ik gelukkig veelvuldig) voel je je alsnog getroost voor leed dat je niet is overkomen. Andere exponenten van deze stijl zijn Feeder’s Comfort in Sound (de titel alleen al), Silverchair’s Neon Ballroom en K’s Choice’s Cocoon Crash. Het is adolescentenmuziek.

En ik luister ernaar, denk er iets van mezelf in te vinden, al weet ik dat het niet waar is. En fiets zo dromend door de regen naar huis.


July 12, 2007

Eemnes

Jan Fabius, Oude Kerk EemnesIk fiets te hard. Elke morgen vertrek ik te laat van huis, om vervolgens badend in het zweet en bijna buiten adem achterin Hilversum op de Vondellaan aan te komen. Ik heb me al voorgenomen eerder naar bed te gaan, vroeger op te staan, langer te slapen. Die tien minuten weet ik nooit te vinden om eerder van huis te gaan. Om 8.37 rijd ik Eemnes uit. Dat weet ik, want er staat een bordje Eemnes, en op het pand van Datalite op het bedrijventerrein staan altijd tijd, datum en temperatuur keurig aangegeven.

Maar ook als ik van het werk terug naar huis rijd fiets ik te hard. Ik weet eigenlijk niet hoe dat komt. Terwijl ik naar de Kings of Convenience luister fiets ik tot ik de pijn haast in mijn benen voel. Ik haal iedereen in. Ik denk dat het in mijn natuur zit. Ik geniet wel van de heide als ik erover fiets. Maar ik moet iedereen inhalen die ik tegenkom. Ik houd het niet achter iemand te blijven fietsen. De ene kant van de hei naar de andere doe ik in ongeveer 3 minuten.

Als ik Eemnes nader, zie ik haar skyline van de “andere” kant. Dichtstbij de kleine, Katholieke kerk, een sober bouwwerkje uit de tweede helft van de negentiende eeuw, en verder de grote, oude Hervormde Kerk. En terwijl het bedrijventerrein groter wordt, terwijl ik op het digitale scorebord van Datalite getallen begin te ontwaren, bedenk ik mij hoe de Katholieken in Eemnes er met de beeldenstorm ten tijde van de reformatie op achteruit zijn gegaan. Zij gingen vroeger naar de grote kerk, nu naar het kleintje, zo’n drie eeuwen later gebouwd. Het verschil in status en meters zijn vanaf waar ik fiets goed te zien. Onder de avondlucht, op het Europese platteland.


July 02, 2007

Groene dagen in het Gooi

Ik ben nu twee dagen terug in Nederland. Vanaf de eerste blik die ik van het glooiende land opving vanuit het vliegtuig, was mijn indruk die van iets groens, fris, natuurrijks.

Ik had nooit gedacht dat Nederland voor mij een country retreat kon betekenen. Eemnes, het randje van de Randstad, als rustiek oord. Overal waar ik ga zie ik verse, rijpe groene kleuren. Felle zon wordt afgewisseld door flinke regenbuien. ’s Nachts waaien stormen over mijn dak.

Naar mijn werk ga ik op de fiets. Ik kies de route langs weinig mensen, langs gazonplantages, sprokkelbosjes, de snelweg. De vroege ochtendzon schijnt veelbelovend over het Gooise land. Om op de Hilversumse hei te komen, moet ik bij het motel de Witte Bergen door een bos. Door dit bos fiets ik altijd met plezier. Zelfs in de winter, als het donker is en koud, en de dunne bomen schichtig tussen de mist staan. Als ik hard door de kou fiets, mijn licht niet meer dan twee meter voor me uit verlichtend, kan ik weleens ouderwets bang zijn. In de lente ruikt het bos fris, in de zomer is het er rijk en verkoelend. Als ik vijf minuten van het kantoor ben verwijderd, breekt de hemel open. Doorweekt kom ik op het werk aan, maar ik ben er niet minder vrolijk door.

Tijdens het koffiedrinken bemerken we een spartelend vogeltje op de weg. Hij blijkt uit het nest te zijn geval, kijk, daar boven ons hangt het nest. In ons bijzijn blaast deze kraai in spé zijn laatste adem uit. We leggen hem aan de kant van de weg. Geen auto mag hem onteren, dat laten we aan de katten over.

Op de terugweg naar huis, terwijl ik me nog steeds verbaas over de rijkheid van het groen, zie ik, tussen het hoge gras langs het fietspad, een konijn.


June 25, 2007

A Mixed Feeler

The second half of 2007 is nearly over, and with it comes change again, difficult change. But maybe good change too? I’m feeling mixed about it, with increasing love, disgust, confusion. Aargh, I’m so sick of being conditioned by the city, for example. When I stand on an escalator, I wait patiently until I get to the top. But when the person in front of me starts to walk up along the moving steps, I move too. Everywhere I go I meet the masses. I walk quickly, avoiding them by stepping left and right. Conditioned like a machine. When someone suddenly stands still in front of me to make a turn, when someone moves slowly and without experience as might happen to a tourist unacquainted with the city’s madness, it angers me. People are no longer individuals for me, they have become a semi-liquid moving mass with a tag on them: Italian, American, German, French. People are only differentiated by their physical aspects; when I pass by a beautiful girl, I need to look her in the eyes as she passes me by, just to see if she sees me. There are a lot of beautiful girls in this city. I disgusts me to walk through narrow streets on weekend mornings, only aware of the powerful and sharp scent of piss. I hate the prostitutes that make ugly and primitive kissing noises as I pass them by, as if I were a beast, and that were to attract me. At night, shouting Americans, Catalans, Danes, walk by right underneath my window. The masses do not for a second leave me alone with myself. But how I love this city, the sunshine falling through the door of my balcony in the morning, old couples walking hand in hand, the interesting people you speak to at a party who know your home village. The flats of friends a minute’s walk from my house in one of the world’s liveliest city centres. Little squares where we sit for ages after we’ve finished our coffees, laughing at eachother’s hangovers. The beaches where I take a swim at night. The rooftop parties that the landlord is so good to tolerate. The aimed walk through a maze of little old town streets, because I have walked here a thousand times in the past year, it seems. And then to occassionally find a street that I haven’t seen yet, with things such as puppet shops. A connectedness with a place and a time that is hard to capture in words, is expressed by many little moments.

And in five days it shall be the past.


October 2019

Mo Tu We Th Fr Sa Su
Sep |  Today  |
   1 2 3 4 5 6
7 8 9 10 11 12 13
14 15 16 17 18 19 20
21 22 23 24 25 26 27
28 29 30 31         

Search this blog

Galleries

Most recent comments

  • Linda stop repeating yourself. You need help. by Viki on this entry
  • There were very good reasons for there being two separate taps in the UK, protection of the water su… by Bryan Hughes on this entry
  • I just found this having replaced the sensible separate channels mixer tap in my kitchen (as describ… by Duncan on this entry
  • OMG… instead of fighting we should discuss..!! http://www.aquantindia.com/ by Emma Clemantine on this entry
  • My business partners were searching for ATF 4473 (5300.9) Part 1 last year and were made aware of a … by Amie Colbert on this entry

Blog archive

Loading…
RSS2.0 Atom

Not signed in
Sign in

Powered by BlogBuilder
© MMXIX